Het blok

BLOK001
De eerste bewoners van "het blok" moeten wel heel blij zijn geweest, toen zij tegen het einde van de jaren '30 van de vorige eeuw hun nieuwe woning konden betrekken. Deze voldeden aan de toenmalige eisen van de tijd. Dat wilde zeggen geen bedsteden meer en afzonderlijke slaapkamers voor de ouders, de jongens en de meisjes uit de gezinnen. Daarvoor waren velen van hen waarschijnlijk krap behuisd.

De woningen werden gesticht in opdracht van de woningbouwvereniging "De Goede Woning" opgericht tijdens een vergadering op 10 april 1931. De huren varieerden aanvankelijk tussen circa 4 ½ en 6 gulden per week. De leden van de vereniging waren de toekomstige bewoners.
De 84 woningen kwamen in 2 fasen tot stand. De eerste 27 stuks opgeleverd in 1936, waren de 3 woningen aan de Rottekade, 6 aan de Landstraat en de rest aan de Polderstraat (nu Rietstapstraat). Later in 1939 volgde de oplevering van de woningen van de Boomgaardstraat ( nu Kwekerijstraat), de Warmoezierstraat en de rest van de Landstraat. De straatnamen werden gewijzigd na de annexatie van Hillegersberg door Rotterdam omdat die straatnamen daar al bestonden.

Op de begane grond bevinden zich de woonkamer, de (woon)keuken, het toilet en een kast onder de trap naar de verdieping, met 3 slaapkamers en een overloop met aanvankelijk een uitstortgootsteen. De 4 woningen naast de poorten hadden een extra slaapkamer boven de poorten. Deze werden toegewezen aan de grotere gezinnen. De achtertuinen van een gedeelte van de woningen liggen lager dan de straat vóór het huis (dijkwoningen). Bij die huizen is het mogelijk de kelderruimte te bereiken via een raam of luik onder in de achtergevel. De huizen hebben een flinke achtertuin waar ook wel kippen en ander klein vee werd gehouden.

Brandstof schaarste noopte tot bezuinigen

Niet lang na de oplevering brak de oorlog uit en er ontstond schaarste. Dat maakte de mensen vindingrijk. Om op stookkosten te bezuinigen werd door een aantal bewoners het stukje woonkamer dat aan de keuken grensde, afgescheiden van de voorzijde. Anderen richten een slaapkamertje in als woonkamer met het zelfde doel.

Schuilen tijdens razzia's

Tussen de trap naar de verdieping en het stucwerk van de kast daaronder was een holle ruimte. Een aantal bewoners maakten op de overloop een luik in de vloer. Via dat luik was het mogelijk in die holle ruimte te komen om zich te verschuilen en aldus aan tewerkstelling in Duitsland te ontkomen. Of er daadwerkelijk gebruik van is gemaakt is de schrijver van dit stukje niet bekend.

De welvaartstoename na de oorlog droeg er toe bij dat de huurders hogere eisen gingen stellen aan comfort en de behoefte aan ruimte nam toe.
Begin jaren '50 werd daarom bij bewoners die daarmee instemden in de keuken een gasgeiser geïnstalleerd met een warmwaterleiding naar een te plaatsen z.g. lavet (is een soort badkuip) op de overloop. Consequentie was natuurlijk enige verhoging van de huur van die woningen; vandaar de bedenkingen van sommige huurders. Verder werden de woningen geleidelijk aan voorzien van een centrale verwarming; aanvankelijk met een zogenaamde moederhaard.
Om ruimte te creëren werden vlieringen boven de verdieping soms toegankelijk gemaakt vanaf de overloop, maar dat zal niet geheel legaal zijn geweest met het oog op de veiligheidseisen.

Vorig jaar kwam er een einde aan het zelfstandig bestaan van deze bijna een van de kleinste woningcorporaties van Nederland.